Raadselige Roos

Raadselige Roos 2021

Aan iedereen die van verhalen of gedichten schrijven houdt

Ondanks het zich nog steeds voortslepende coronatijdperk, nodigen wij iedereen toch weer met groot genoegen uit om ook dit jaar deel te nemen aan de 29ste editie van de schrijfwedstrijd de Raadselige Roos van Literair Café Venray.

U kunt deelnemen door een gedicht en/of een prozaverhaal in te sturen vóór vrijdag 1 oktober 2021.     Het thema voor deze editie is ‘de overkant’ en is verplicht voor alle inzendingen.

De Raadselige Roos schrijfwedstrijd staat open voor iedereen, die de ambitie heeft een verhaal of gedicht te schrijven en biedt u als deelnemer naast een podium ook de gelegenheid om uw werk, prozaverhaal of gedicht, door een jury te laten beoordelen en met dat van andere schrijvers en dichters te (laten) vergelijken. Zoals bij elke wedstrijd horen ook bij een schrijfwedstrijd spelregels. Deze zijn op een aantal punten vernieuwd en zijn te lezen in de bijlage “Reglement Raadselige Roos 2021” en te vinden op: www.literaircafevenray.nl, onder de webpagina ‘Raadselige Roos’.

In het kort: Uw gedicht moet minimaal uit 50 en maximaal uit 150 woorden bestaan. Een verhaal uit minimaal 500 tot maximaal 1500 woorden. Beide mogen niet eerder gepubliceerd zijn en moeten in het Nederlands geschreven zijn. De inzendingen kunnen uitsluitend volgens de spelregels en per e-mail worden ingezonden naar: raadseligeroos@literaircafevenray.nl

Het inschrijfgeld: € 20,00 en voor deelnemers, die op 01 oktober 2020 jonger zijn dan 25 jaar € 10,00,  dient vóór 1 oktober 2021 te worden overgemaakt op de bankrekening van het Literair Café Venray: NL 46 RABO 0132 594 250 onder vermelding van Roos 2021 en uw naam en woonplaats . Dit in verband met een correcte registratie van uw inschrijving en deelname.

Evenals in de voorgaande jaren verschijnen de werken van de winnaars van de Proza-, Poëzie- en Publieksjury in onze bundel de Raadselige Roos 2021 samen met passende beeldende werken. Naast de bundel ontvangen de eerste prijswinnaars een trofee, een  juryrapport en boekenbon. De tweede  en derde prijswinnaars een juryrapport, een boekenbon en natuurlijk voor alle winnaars de inmiddels traditionele bos Roojse rozen.

Naast de drie prijswinnaars door de vakjury’s Proza en Poëzie en de winnaar van de Publieksjury kiest elke jury nog vijf verhalen, c.q. gedichten, die weliswaar niet in de prijzen vielen, maar op grond van hun kwaliteit toch zeker wél de moeite waard zijn om eveneens in de bundel Raadselige Roos 2021, met een passend beeldend werk, gepubliceerd te worden.

Wij streven ernaar om, evenals in de jaren vóór 2020, een feestelijke prijsuitreiking plaats te laten vinden op zondag 23 januari 2022. In verband met mogelijk dan nog of weerom geldende corona-maatregelen  en -beperkingen kunnen we de dag, het tijdstip en ook de locatie hier en nu nog niet definitief benoemen.

Wij wensen u wel alvast veel creativiteit toe bij het schrijven van uw gedicht en/of verhaal en wij zien uw inzending met belangstelling tegemoet. Mocht u nog vragen hebben of behoefte aan aanvullende informatie, dan kunt u hierover terecht via: raadseligeroos@literaircafevenray.nl

De organisatie van de Raadselige Roos en Literair Café Venray.

 

 

Raadselige Roos 2020

…. en de winnaars van de Raadselige Roos 2020 zijn ……………. !?

De Raadselige Roos 2020, de achtentwintigste editie van de schrijfwedstrijd voor amateur-dichters en -schrijvers in Nederland en Vlaanderen, verliep gedwongen door coronaregels en -beperkingen  in menig opzicht anders, dan die in de voorafgaande jaren. Wij hebben desondanks alles wat nodig was om tot de genomineerden en uiteindelijke winnaars van de Raadselige Roos 2020 te komen, kunnen realiseren, met uitzondering van de altijd gezellige en feestelijke prijsuitreiking begin januari 2021 in de foyer van de Venrayse schouwburg.

De bekendmaking van de prijswinnaars van de Raadselige Roos 2020 hebben wij dit jaar middels een PowerPoint-presentatie moeten organiseren. Deze presentatie is  voor iedereen op YouTube te zien en te beluisteren: https://youtu.be/BTnxNezKsWY
Wij hopen, dat wij op deze wijze en onder deze omstandigheden toch in geslaagd zijn om alle deelnemers te bedanken voor hun creatieve inzet en literaire inzending en de winnaars en andere genomineerden te feliciteren met hun prijs en nominatie.

Wanneer u de presentatie op YouTube (nog) niet heb kunnen bekijken en beluisteren, geven wij u hier de 7 winnaars in de drie verschillende categorieën:

De winnaars van de Raadselige Roos 2020 zijn door de Vakjury Poëzie gekozen:

  1. Har Sniekers uit Thorn met het gedicht, Quo Vadis.
  2. Jan Smulders uit Oost-Maartland/ Eijsden met diens gedicht, Moerbalk.
  3. Jan Versluys uit Wolphaartsdijk en het gedicht: Anders.

De Publieksjury Poëzie koos als haar winnaar: Joseline Bakx-van der Horst uit Enschede met haar gedicht: Knap lastig

De Vakjury Proza koos

  1. Ton Adriaens uit Weert met zijn verhaal: Gedrieëndeeld.
  2. Monique Cunnen uit Neerkant voor haar inzending: Een spoor van regenwormen.
  3. Anna van Vugt-Kivits uit Duizel met haar proza-vertelling: Bepke.

Natuurlijk hopen wij van ganser harte, dat wij volgend jaar in 2022 weer terug kunnen keren naar een ‘normale Raadselige Roos’ en elkaar dan weer in levende lijve kunnen begroeten, ontmoeten en onder eveneens ‘normale omstandigheden de deelnemers, winnaars en andere genomineerden van de Raadselige Roos 2021 in het zonnetje kunnen zetten en feliciteren.

 

Har Sniekers uit Thorn (1ste prijs van de vakjury-poëzie met gedicht Quo Vadis)

‘Jouw bijdrage aan de Limburgse streektaal is onuitwisbaar. Deze gedichtenbundel, in onvervalst Thoears, is daar het tastbare bewijs van. Een bundel die je kunt toevoegen aan een omvangrijk oeuvre van jouw hand.

Op vele manieren hebben jouw prachtige gedichten het publiek bereikt. In 2004 won je met de bundel Zelfgezichter de Veldeke Literatuurprijs. En vier jaar later werd de gedichten¬reeks Deile voor dezelfde prijs genomineerd. In 2009 werd je benoemd tot stadsdichter van Thorn. Daarnaast was je onder meer nauw betrokken bij het tot stand komen van het Thoears Woeardebook, vertaalde je vier kinderboeken van¬uit het Duits, ben je lid van de schrijverskring Midden-Limburg en redacteur van onder meer de Veldeke website en nieuws¬brieven. Met bundel In droum genaeze, zal je op¬nieuw de harten van vele Limburgers beroeren. Een talent dat slechts weinigen gegeven is’. Deze woorden spreekt , Christine van Basten-Boddin, Voorzitter Veldeke Limburg uit naar Har Sniekers bij dienst vertrek als bestuurslid van Veldeke Limburg.

Har Sniekers vult aan: Ik ben 40 jaar werkzaam geweest als leraar in het basisonderwijs.

Schrijf voornamelijk dialectpoëzie. Ben meermaals gebloemleesd. Doe als uitdaging vaker mee aan schrijfwedstrijden.

Over Quo Vadis:

Het weren van bezoek in verpleeghuizen vorig voorjaar was erg ingrijpend. Het woord raamvisite deed zijn intrede en bracht mij tot de vergelijking met de Berlijnse muur.

De titel Quo Vadis kwam als vanzelf en de link naar het thema Dwarsliggers was gauw gemaakt.

Har Sniekers

De Publieksjury Poëzie koos als haar winnaar: Joseline Bakx-van der Horst met haar gedicht: Knap lastig

Jan Smulders uit Oost-Maarland / Eijsden 2de prijs poëzie-vakjury met Moerbalk)

Mijn poëzie: Woorden een zin geven. Verbeeldende kunst dus eigenlijk. Ik wil een naam geven –en dus een plek- aan wat zich in en om me aandient, en mij bang, boos, blij of bedroefd maakt. Maar het is natuurlijk ook ambacht: het ‘schrijven is ‘schrappen’ van Bomans; en het weghalen van al het overbodige en bevrijden van wat al lang aan de andere kant van taal lag, in Michelangelo’s termen. Vangen in taal en opschrijven wat er al was, maar alleen op woorden wachtte.

Poëzie en beeldende kunst: Soms schrijf ik bij werken van beeldende kunst. Bij een tekening, een aquarel, edelsmeedwerk, fotowerk of zelfs muziek. Het is inspirerend enerzijds, maar ook over en weer verdiepend. Het gaat nooit om een ’vertaling’ maar om het weergeven van een mógelijke beleving en interpretatie.Klankbord en springplank via een andere discipline. Minder vaak wordt er omgekeerd gewerkt en worden naar mijn teksten andere werkstukken gemaakt.

Haiku: Peuteren in en aan de stilte. De uitdaging die ligt in de beperking (3 regels, 5-7-5 lettergrepen) en de intimiteit die het vergt. Weer klein leren zijn in mijn kijken en denken.

Leven:

1954

Bernardinuscollege Heerlen

Nederlands recht Tilburg

onderwijs

Fluweelengrot

met Marlies: Mira en Micha

katten, reiger, wouw, regenboogforel

zee

mergel

megalithen

Ardennen

Mitchell 314 werpmolen

Chopin

piano

fotograferen

tuin

stilte

 

Moerbalk is een ode aan het vakwerkhuis in zijn landschap. Het is de vorm van wonen die letterlijk het meest aards is in zijn materialen: leem en hout.

Het land van beekjes en bronnen, holle wegen, maretak en wegkruis. Met vaak een bakoven achterom en met mergel beklede kelder. Een zwart-wit sieraad in het Limburgse landschap met een uitstraling van puurheid en authenticiteit. En, vrij uniek, “een huis dat kan gaan”: het skelet is te verplaatsen en opnieuw van twijgen en leem te voorzien. Een geruststellend idee. Met name ook in overstromingsgebied. (zie: https://www.eijsden-margraten.nl/bijzondere-panden/bergstraat-16 ) Meer: jansmulderspoezie.wordpress.com

Jan Smulders

Jan Versluys uit Wolphaarsdijk (3de prijs poëzie-vakjury met ‘Anders’.)

Geboren en getogen in het Zeeuwse land. Dat heeft een onuitwisbare invloed op mijn leven gehad en nog steeds. De uitgestrektheid, de hoge luchten, het water, de oude boerderijen in het groen weggestoken en natuurlijk de zee! Rustpunten in mijn dagelijkse bestaan.

Pas op latere leeftijd ben ik gedichten gaan schrijven. In de periode dat je je leven gaat overzien. De jeugd en alles wat zich daar afspeelde aan goede en minder goede belevenissen. Lees de boeken van Douwe Draaisma er maar op na……..Dan begrijp je dat wat er toen gebeurde als een deken om je heen valt. Koester die momenten! Geniet van elke positieve herinnering aan die tijd, je ouders en de wereld zoals hij er uit zag in de jaren 50  van de vorige eeuw. Ook mijn leraren Nederlands op de P.A. zijn een motivatie geweest gedichten serieus te nemen.

De gedichten hebben vaak met bovenstaande motieven te maken. Maar eigenlijk kan alles wat er is of wat er gebeurt dienen als stof voor een gedicht. Persoonlijke emotie uitgedrukt in woorden. Fijn als een ander mens die gevoelens meebeleeft. Ik maak gedichten voor mezelf maar vind het uiteraard ook voldoening geven als anderen ze waarderen!

Jan Versluijs

Joseline Bakx van der Vorst uit Enschede ( Rooje Roos-prijs 2020 van publieksjury-poëzie)

De trots die ik als twaalfjarige voelde toen mijn eerste gedicht in een regionale krant was geplaatst  werd, is onbeschrijflijk. Ik herinner me dat het onderwerp handelde over de rollen die mensen in hun leven spelen. Volwassenen waren eigenaardige wezens waar ik niets van begreep. Bovendien hoopte ik dat ik zelf niet volwassen hoefde te worden. Het leek me een alles behalve mooi voorland. Ik las en las en mijn moeder beweerde dat het slecht voor mijn ogen was en dat de afzondering die ik bij het lezen zocht, niet sociaal was. Het was niet gezellig, vrees ik.  Veel veranderde en ik werd toch zoiets als een volwassene. Het schrijven bleef ondergronds borrelen maar tot schrijven kwam het niet. Ruim zestien jaar geleden vond ik de rust en de tijd om me te richten op het dichten. Altijd aarzelend en altijd trots als iemand een gedicht waardeert. Ik verrijk mezelf dagelijks met het timmeren, verplaatsen, verzetten en schrapen van wat ik probeer te zeggen op, naar ik hoop, een kantelende wijze. Refererend aan mijn ingezonden gedicht: het is “knap lastig”. Toen ik aan dit gedicht werkte, kantelde mijn perspectief op “dwarsliggen” geleidelijk aan. Associërend kwam ik bij de dwarsliggende mens terecht. Er kwam vaart in het schrijven.                                                                                                  Iemand die dwarsligt, onderscheidt zich van anderen. Met name doel ik op kinderen/mensen die  niet dwars zijn om dwars te zijn maar die nadrukkelijk een andere visie, een ander doel voor ogen hebben. Ze laten zich horen, laten zich zien en het dwarsliggen wordt hen niet in dank afgenomen. Het is knap lastig voor zowel de dwarsdenker zelf als voor de gematigden. In het gedicht laat ik de dwarsligger iemand zijn die verbeeldend en vernieuwend vorm aan het leven geeft. Dat vind ik fascinerend. Ik denk dat we dwarsliggers nodig hebben. Ze helpen ons om geest en ziel op te rekken waardoor we meer en anders denken, zien en horen. Het was mooi om deze ‘dichtweg’ af te leggen. De taal is de onuitputtelijke bron die me helpt om vorm te geven aan wat ik wil zeggen wat ik niet zeggen kan.

Joseline Bakx-van der Horst

Ton Adriaens uit Weert (1ste prijs proza-vakjury met Gedrieëndeeld)

Mijn naam is Ton Adriaens en ik ben 68 jaar oud. Veertig jaar ben ik als leerkracht werkzaam geweest in het middelbaar beroepsonderwijs. De lessen waarin ik mijn ziel en zaligheid kon leggen waren Nederlands, sociale vaardigheden, dramatische expressie, voorlezen en vertellen, en omgaan met feedback bij de opleidingen Onderwijsassistent en Pedagogisch medewerker.

Al zolang ik me kan herinneren schrijf ik verhalen en gedichten. Ook heb ik sketches, liedjes en conferences geschreven, gezongen, voorgedragen en gespeeld en was ik schrijver/verteller en regisseur bij twee grote openluchtmusicals. Nog steeds ben ik actief als speler/schrijver in een theatergezelschap en als redacteur en columnist van een regionaal maandblad.

Literatuur is voor mij genieten van het werk van anderen maar ook zelf lichtvoetig spelen met taal of heel nauwgezet en consciëntieus verwoorden van gevoelens en gedachten.

Dat is een nauwelijks verklaarbare innerlijke drang tot ‘ verwoorden’. De Bloemlezingen van Knuvelder en de Literaire Kunst van Lodewick waren op de hbs voor mij de favoriete studieboeken.

Het zijn vooral gebeurtenissen uit mijn leven of actuele maatschappelijke thema’s waarover ik schrijf.

Enkele maanden geleden zijn vijftig van mijn columns gebundeld in boekvorm verschenen onder de titel MensenDingen. In 2006 deed ik voor het eerst mee aan de Raadselige Roos en won meteen de aanmoedigingsprijs bij poëzie, een geweldige opsteker. In 2007 en 2009 kreeg ik eervolle vermeldingen voor proza respectievelijk poëzie en in 2010 werd een gedicht van mij geschikt bevonden voor publicatie. De laatste jaren richt ik mij met succes op proza: In 2015 werd ik tweede, in 2017 eerste, 2018 derde, in 2019 werd ik genomineerd en dit jaar werd ik weer eerste met Gedrieëndeeld. Het is het cynische verhaal ‘over een aanstellerige, over het paard getilde, zichzelf mateloos overschattende cabaretier’.

Ton Adriaens

Monique Cunnen uit Neerkant (2de prijs proza vakjury met Een spoor van regenwormen)

Al vanaf jongs af aan lees ik graag. Dik Trom, de Kameleon. Hun avonturen waren ook mijn avonturen. In die tijd schreef ik een paar schriften vol met verhalen. Daarna bleven mijn schriften lange tijd leeg.                                                                                                                                                       Een oproep in het Eindhovens Dagblad voor een kort zomerverhaal, zette me in 2011 opnieuw aan het schrijven. Ik stuurde het in en mijn verhaal werd gepubliceerd. Met die zeer korte verhalen ging ik verder. Het werd een uitdaging om met zo min mogelijk woorden, veel te vertellen. De oproep van Literair Café Venray voor deelname aan de Raadselige Roos, betekende een stimulans om dit keer mijn verhaal langer te maken. Tot mijn verrassing koos de jury mijn verhaal in 2012 uit voor publicatie. Daarna kwam alles in een stroomversnelling. Mijn verhaal werd gelezen door de penningmeester van Letterspinsels, een collectief van schrijvers dat elkaar stimuleert met kennis en feedback. In 2012 werd ik lid van deze club.
Inmiddels zijn enkele van mijn verhalen geplaatst in verhalenbundels en heb ik een aantal prijzen gewonnen. Door naar buiten te treden met mijn verhalen, hoor ik hoe verschillend interpretaties kunnen zijn. Dat geeft een spannende extra dimensie aan schrijven. Schrijven is voor mij het zoeken naar dat ene woord. Een gedachte in taal weten te vangen. En vooral een sfeer creëren, waardoor ik vergeet dat ik gewoon achter mijn computer zit. Maar ook twijfelen, schrappen en opnieuw beginnen.
Een verhaal staat er bij mij nooit in een keer. Een spoor van regenwormen is daarop geen uitzondering. Ik wilde een verhaal schrijven met daarin meerdere betekenissen van het thema dwarsliggers. Een verhaal met drama zonder dat het een tranentrekker werd. Maar vooral wilde ik beelden oproepen, en er een psychologische laag in verwerken.

Monique Cunnen

Anna van Vugt-Kivits uit Duizel (3de prijs proza-vakjury met Bepke)

Geboren te Deurne in het jaar 1945. Een gewoon ‘durske’ uit de Peel, opgegroeid met de geur van het veen en turf in de kachel, met liefde voor lezen, aangewakkerd door de lerares Nederlands op de middelbare school. Zij las klassikaal voor uit ‘Orpheus in de dessa’ van Augusta de Wit. Het gerucht onder scholieren ging dat zij elk jaar bij het laatste hoofdstuk huilde. Ik moet zeggen: zij heeft mij niet teleurgesteld. Zij was tot tranen toe geroerd en de klas bleef doodstil achter. Dat maakte indruk. De boeken over Arendsoog en Tom Sawyer, die ik voorheen las, waren vanaf toen voor mijn jongere broer en zussen en ik ging boeken lenen in de bibliotheek met de kaart van mijn moeder. Ik deed in het verleden vaker mee aan literaire uitdagingen en werd meer dan eens genomineerd. Mijn vertellingen, die doorgaans weinig dialogen bevatten, worden vaak ingegeven door een krantenbericht, een gesprek, een waarneming, of ander, meestal klein nieuws dat mijn verbeelding prikkelt. Ook ‘Bepke’ zal op die manier zijn ontstaan.
Op deze plek wil ik de andere prijswinnaars feliciteren met hun resultaat. Ik hoop in de toekomst meer van hen te mogen lezen. Rest mij nog u te bedanken voor de mooi uitgevoerde bundel. De kunstwerkjes zijn een lust voor het oog.

De wedstrijd is ook aangemeld bij: http://www.schrijvenonline.org/

AMBASSADEUR

Hans Liebregts, voorzitter van het Letterkundig Centrum Limburg, is sinds enkele jaren ambassadeur van de schrijfwedstrijd Raadselige Roos. Als zodanig ondersteunt hij de organisatie met raad en daad.

De vakjury Proza:

  • Maja van Dongen
  • Marije Freriks
  • Catherine Pernot
  • Beppie Velthuizen-Dewaide
  • Stan Verhaag

 

 

 

De Publieksjury:

  • Liesbeth van Berlo
  • Leonie Cals
  • Carla Clevers
  • Ton Ederveen
  • Clara Geurts
  • Liduïne Geurts
  • Hein van Gerwen
  • Anne Sophie Hoedemaekers
  • Elly Jacobs
  • Mieke Janssen
  • Ine Joosten
  • Jeanny van Lieshout
  • Maarten Streefkerk
  • Yvonne Verstraelen

 

De Vakjury Poëzie:

  • Hay Freriks
  • Valentine Kalwij-Cobben
  • Hilde Kuitert
  • Alphons van Nispen tot Pannerden
  • Margreet Spoelstra

 

De winnaars van voorgaande jaren
Download hier een overzicht van de prijswinnaars van de voorgaande jaren.

 

Verkooppunt bundel Raadselige Roos
De bundel Raadselige Roos 2019 is voor € 10,00 te koop bij

Roojboek,  Schouwburgplein 2, 5801 BV Venray
De bundels Raadselige Roos kunnen in de bibliotheek van Venray geleend worden

Bundels van eerdere jaargangen zijn tegen gereduceerde prijs te koop via raadseligeroos@literaircafevenray.nl.

This is a unique website which will require a more modern browser to work! Please upgrade today!